Het schoutambt en het kerspel Blankenham in de middeleeuwenBlankenham behoorde oudtijds tot het kerspel van IJsselham en de kerk wordt een dochter van die van IJsselham genoemd.De geschiedenis van het Schoutambt Blankenham begint in 1420. Toen werd het dorp Blankenham afgescheiden van IJsselham en tot afzonderlijk schoutambt verheven. Bisschop Frederic geeft aan de lieden, wonende bij den dijk in de buurschap geheeten In den Hamme, en nu onder de parochie IJsselham behorende, als te ver van die kerk verwijderd en op hun dringend verzock , verlof tot het bouwen ener kerk met een doopvont, een toren en een kerkhof en geeft aan het nieuwe kerspel de naam Blankenham; de kerk zal geplaatst worden naast de weedijk op een hoeve land, welke Geijse, dochter van Johan Zwarten, vrouw van Ludekin ten Have, daar- voor ten geschenke heeft gegeven, gelegen ten zuiden naast Anebinge wer, ton noorden naast Hadinge wer en zich uitstrekkende van do Haersloet tot in zee, onder voorwaarde, dat de pastor zekere zielmissen zal hou- den; opdat door deze stichting de pastoor van IJsselham geen schade lijden zal, worden voorts bepalingen gemaakt van jaarlijksche betalingen door ieder inwoner van Blankenham aan hem te doen; dat de collatie zal staan aan den pastor van Usselbam, enz Deze afscheiding vondplaats in 1420. (1) geschil Er kwam een geschil tussen de kerkvoogden van beide kerspels. Die van Blankenham weigerden het derde gedeelte te betalen tot de boeken en ornamenten,, die in de kerk van IJsselham nodig waren, zeggende, dat de brief van scheiding hen wel verplichtte tot timmering der kerk, maar dat er niet van boeken en ornamenten in gesproken werd. Hadden zij hiertoe bijgedragen , het was uit goedertierenheid niet uit gehoudenheid geweest. Bisschop Rudolf van Diepholt, aan wie de beslissing werd opgedragen verstond, dat die van Blankenhum het derde tot de fabriek en de timmering der kerk van IJsselham zouden bijdragen, overeenkomstig de scheidingsbrief, en voor dit maal nog tot de ornamenten, die reeds besteed waren, maar voortaan niet meer. (2)Zoals we bij de behandeling van het bestuur in Overijssel in de middeleeuwen hebben gezien, moeten we een onderscheid maken tussen de schoutambten en de kerpspelen of bijvoorbeeld de heerlijkheden. De rechterlijke macht van de lage jurisdictie lag bij de schout in het schoutambt, bijgestaan door twee keurnoten oftewel gerechtsbijzitters. Op bestuurlijk en financieel terrein waren er de kerspels en de heerlijkheden. Het schoutambt Blankenham In 1428 is Meynert Janssoen schulte in Blankenham. Dat blijkt uit een akte uit dat jaar op 1 februari des sondaghes na sinte Pauwelsdach waarin hij oorkondt, dqat Jan Garbrant Taerlinxsoen en Femme zijn vrouw verkocht hebben aan Jan Peter Gisebrechtssoene sone, een half Hamburger vat boter uit Jan Ysselhammingeswere, bezuiden de Abbingesloet, belend ten Z. Heyn Yman en kinderen, ten N. joncfrouw Jutte van den Rutenberge en kinderen. Keurnoten: Peter Symonssoen en Dirc de Ruter. (3) In 1432 is Jacob Janssoen schulte in den Blankenham. Dat blijkt uit een akte waarin hij op 4 november sdinxedages na alle godes heiligen oorkondt, dat Zweder Zwedersz. en Gebbe zijn vrouw beloofd hebben, dat de 3 oude of 4 1/2 nieuwe schutstal land gelegen op de Lange Coppenweer, belend ten N. de verkoper, ten Z. de koper, die zij aan het convent te Brunepe verkocht hebben tijnsvrij gemaakt zullen worden. Gerichtsluden: Claes Branding en Ghert Winkens. (4) In 1435 is ene Johan Blome Methyssoen schulte in den Blankenham. In dat jaar oorkondt hij op 30 april op mey avant dat Henric Claessoen en Ghyse zijn vrouw in erfpacht hebben uitgegeven aan Peter Claessoen en Nyse zijn vrouw 4 1/2 schutstal land, gelegen in het kerspel van den Blanckenham op het Broek, met de halve hofstede belend ten Z. Grete These Winkens hofstede, ten N. Henric Claessoen, waarvan 2 1/2 schutstal gelegen op de Crummesloet, belend ten N. Grete These Winkens, ten Z. de erfgenamen van Pilgrim van den Rutenbergh, tegen 1 hamburger vat boter per jaar. Gerichtsluden: Jan Claessoen en Simon Huyt. (5) Op 10 november 1448, (op sinte Martini avent inden winter) oorkondt Jacob Hesselsoen, schulte in den Blanckenham, dat Johan Isebrantssoen en Lizabeth zijn vrouw verkocht hebben aan Niese, weduwe van Peter Claesz, een half vat boter per jaar uit 2 1/2 scutstal land, gelegen in Griete Thesenscamp, belend ten Z. Jacob Moerlijn, ten N. de Cromme sloot, strekkende met het oosteinde aan Jacob Moerlijn, met het westeinde aan Egbert van den Rutenberge. Keurnoten: Claes Peterssoen, anders geheten Claes Haghen en Dirck Kellensoen. (7) 29 juli 1446 is Hermen Aernt Weggensoene schulte in den Blanckenham. Op die datum oorkondt hij dat Johan van den Rutenberge verkocht heeft aan Aernt Kluise, cureit te Blesdijck, 3 goudgulden overlandse rijsngulden uit een erve in den Blanckenham, bewoond door Johan Laken, berlend aan weerszijden door Pelgrims erfgenamen van den Rutenberge. Keurnoten: Adam Derxsoen en Derck Broederssoen. (8) Don vermeldt, dat in 1450 er een acte van verpachting is ten overstaan van schout en keurnoten van Balnkenham, door het convent aan Jacob Gerritsz van enige landen te Blankenham, tegen een rente van 1 hamburger ton boter per jaar. 5 november 1450. (9) 307. 1450, 21 februari {op sunte Peters avent ad Cathedram) Harmen Boedeker Aerentssoene, schulte·in den Blanckenham, oorkondt, dat Jacob Moen en Catherine zijn vrouw verkocht hebben aan Wolter Berentssoen, een hamburger vat meiboter en een scippont kaas uit hun erve, gelegen in het kerspel van Blanckenham, belend ten 0. Teyse Oetgers en Boele Jacobs, ten W. de dijk, ten Z. Henryck Pangeler en Jacob Gerrytssoen, ten N. Jacob Gerryts-soen en Cleys Hollers; voorts gaande uit de 2 schutstal, welke de verkoper gekocht heeft van de kerkheren en voogden van Pepergae, alsmede uit IO dagmaat land, belend ten 0. Ludeken Peterssoen en Egbert van den Rutenberge, ten W. Johan Isbrantssoen en Coep Sticker, ten Z. Adam Derxsoen, ten N. Claes Florys. N.B. Joffer Ghese Borchers, weduwe van Mr. Volcker van Urck, heeft een half vat boter geschonken aan St. Cuneramemorie. waar de brief zal berusten. Voorts een vierendeel vat en een schippond kaas aan .de weeskinderen en een vierendeel vat aan de H. Kruismemorie. Zie reg. nrs.311 1375 en 1527. Keurnoten: Peter Huyt en Claewes Huyt.(10) 312. 1450, 5 november ( des donredages nae alle goetshilligen hoechtyt) Harmen Aernt Weggensoene, schulte in den Blanckenham, oorkondt, dat Jacob Geryts en Griete zijn vrouw erfelijk gepacht hebben van het nonnenklooster te Bronope, 15 gheen land, gelegen op de uiterdijk in de Blanckenham, belend ten Z. Bruyning Johan Bloemensoen, ten N. het Zyldiep, ten 0. de kolk bij Adam Derxsoens huis, ten W. de Liede; 8 gheen land, waarvan Bruyning Johanssoen voornoemd de helft toebehoort, gelegen op dezelfde uiterdijk aan het zuideinde, belend ten Z. de wetering, ten N. Bruyning Johanssoen voornoemd; de dijkkamp, geheten de Noertesch, groot 8 dagmaat, waarvan Bruyning Johanssoen de helft toebehoort, belend ten Z. Egbert van den Rutenberghen, ten N. Bruyning Johan Bloemensoen, ten 0. de Dilkamp, ten W. de dijk; 14 dagmaat, gelegen bij de Noertesch, waarvan Lubben then Zweges erfgenamen 2 dagmaat bezitten, belend ten Z. Claes Johan Claessoens soen, ten N. Heer Johan van Scherpenzeel en Frederick Jonge, ten 0. Johan Starkens en Wycher Cleis Wieringe land, ten W. de Noertesch, tegen 1 hamburger ton boter per jaar. Keurnoten: Adam Derxsoen en Claes Vole. (11) 1454, 11 maart (des manendaghes nae den yrsten sonnendach inder vasten) Herman Wegghe, schult inden Blanckenham, oorkondt, dat Seyne :vlulert verkocht heeft aan Heer Thomas, minister, en de gemene broeders van het convent van St. Johanskamp te Vollenhoe, een rente van een vierendeel vat boter, 6 overlandse gulden en 2 kazen, welke rente de verkoper eertijds gekocht heeft van Johan Rem schap orantssoen en Lyzabeth zijn vrouw en Meynart Johanssoen en schap Egbert zijn vrouw, uit een erve en land, geheten "dien Horst", groot omtrent 24 schutstal, belend ten 0. Coep Sticker, ten W. Claes Floryssoen, ten N. Thyman Schursacks ergenamen en Ave Claes Symonssoens land, ten Z. de graven die buten der Zuyt·wende leghet. ge Gerichtsluden: Adam Derickssoen en Johan Derickssoen. NB. Volgens dorsaal kenteken het convent van Brunnepe aangekomen. Met zegel van de richter en de verkoper.(12) 1455, 2 oktober (des donredaghes nae sente Michiels daghe) 1d, Herman Aerntssoen, scolte in den Blanekenham, oorkondt, dat Barde Claessoen en Gheertruet zijn vrouw verkocht hebben aan an Peter Baerdensoen en Aeehte zijn vrouw, een vierendeel vat boter uit de bouwkamp, waar Baerdenhues in ligt. belend ten N. Egbert van den Rutenberge met zijn broeders, ten Z. de bagijnen van Campen, ten 0. Heer Herman de kerkheer van Kuenre. ten W. de Olde Kuenre. 3n Keurnoten: Adam Dirkessoen en Johan Haghen.(13) 1455, 22 november (op sunte Ceciliendaeh der hiliger joncfrou) Herman Wegghe, schulte inden Blanekenham, oorkondt, dat Syinmon Peter Symonssoen en Alyt zijn vrouw verkoeht hebben aan Fye Maken, een stuk land met huis, hof en uiterdijk, gelegen in den Blanekenham, geheten het Gheerland, belend ten Z. Evert Sikhtinges erfgenamen, ten N. Jacob Huut, alsmede een halve uiterdijk, geheten de Bueshoep, gelegen naast het Gheerland ter zeewert aan, waarvan Jacob Huut de wederhelft bezit, belend ten Z. Evert Slichtinges erfgenamen, ten N. de kerk van Ysselham. Keurnoten: Jacob Huit, Bruyning Blomensoen en Ysebrant Jacobssoen. (14) 1461, 7 november (op sant Wilborts dach) Harmen Wegge, schulte inden Blanckenham, oorkondt, dat te Steenwijk, waar Lambert Sloet hem de aarde gunde, Ghyse Johanssoen en Geryt zijn vrouw verkocht hebben aan Roerick Putte en Katheryne zijn vrouw. een half vat pachtboter uit een sate land, thans behorende aan de erfgenamen van Johan Mewessoen, gelegen inden Blanckenham, belend ten Z. Johan Ysebrantssoen. ten N. Johan Claessoen. ten 0. de Zuytwende. ten W. Johan Claessoen. Keurnoten: Tymen Morriaen en Harmen Smeding. (15) (1) Tijdrekenkundig register op het Oud Provinciaal Archief van Overijssel. Aanhangsel gedrukt te Zwolle, bij de erven J.J. Tijl 1874. (3) J. Don blz 212 deel II. (4) J. Don blz 218 deel II (5) J. Don blz 220. deel II (7) J. Don blz 235 deel II (8) J. Don blz 235 deel II (9) De archieven der gemeente Kampen / J. Don. Uitgave: Kampen : gemeente. Jaar van uitgave: 1963, 1966 en 1971. Aantal delen: 3. deel II : Gedeponeerde archieven reg. nr 312 blz 21. (10) J. Don blz 238 deel II (11) J. Don blz 239 deel II (12) J. Don blz 247 deel II (13) J. Don blz 249 deel II (14) J. Don blz 250 deel II (15) J. Don blz 261 deel II
|